Hoofdstuk 1 – het wachtbankje

Ik bevond me dus op het zogenaamde ‘wachtbankje. Dat betekent eigenlijk dat je continu op zoek gaat maar mogelijke symptomen en je helemaal gek wordt van je eigen gedachtes en ongeduldigheid. Inmiddels had ik mezelf afgeleerd om ieder krampje of kriebeltje te googelen met het woord ‘zwanger’ erachter. Desalniettemin had ik in de week na de mogelijke bevruchting een overduidelijke metaalsmaak in mijn mond. Google, oeps, leerde mij dat dit voor ervaren moeders één van de allereerste signalen kon zijn. Pijnboompitten konden echter hetzelfde effect veroorzaken en laat ik die nou net de avond ervoor gegeten hebben.

De week ging voorbij zonder verdere noodzaak om het alwetende internet te raadplegen. De gevoelige borsten, waarvan ik overtuigd was dat je ze moest hebben wil je ook maar half bevrucht zijn, waren in geen velden of wegen te bekennen. En geloof me, er werd regelmatig in geprikt en geduwd. Toch had ik de hele tijd een voorzichtig goed gevoel over deze ronde.

Aan het begin van de week erop, mijn laatste wachtweek, gebeurde er iets opmerkelijks. Ik was op mijn werk toen een collega binnenkwam en zei: “Ing, ik heb vannacht over je gedroomd.” Zodra ze die woorden uitsprak zat ik op het puntje van mijn ergonomische juffenstoel want deze collega staat bekend om haar zwangerschapvoorspellende dromen. In de afgelopen vijf jaar had ze op die manier al twee of drie keer een zwangerschap aangekondigd. Nu geloof ik er eerlijk gezegd nog minder van dan dat er kabouters bestaan maar toch vond ik het ontzettend toevallig en stiekem ook wel hoopgevend.

De dagen kropen voorbij en uiteindelijk werd het weekend, ik begaf het inmiddels bijna van de spanning. Op zaterdag stond een dagje Rotterdam gepland en het plan was om die ochtend voor vertrek te testen.
Toen het moment daar was besloot ik echter dat dit niét het moment was. Angst. Ik was bang voor de teleurstelling bij een negatieve test maar tegelijkertijd was ik ook doodsbang voor het effect van een positieve test. Onze fijne leven met z’n tweeën zou nooit meer hetzelfde zijn en we zouden vallen in het grote onbekende.
Ik had die zaterdag dus gewoon het lef niet en dat was prima. We hadden een gezellig dagje in Rotterdam en alles was nog steeds zoals het altijd was geweest.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *